Long covid laat me anders schrijven

Iedere schrijver ontwikkelt zich. Ik was gewend regie over mijn ontwikkeling te hebben. Voor geen boek is het schrijfproces gelijk. Mijn schrijfproces volgde uit mijn creatieve keuzes. De lange nasleep van een covid-infectie veranderde alles. Cognitieve problemen legden mijn schrijfprojecten stil. Na een jaar begon ik met het redigeren van een eerder geschreven tekst van een literaire thriller. Dat ging redelijk goed maar traag. Daarna schreef ik twee korte verhalen (over ‘tante Magna’). Ik schreef ze intuïtief; met veel aandacht voor sfeer en ritme. Door mijn moeheid was ik soms emotioneler. Voor het schrijfproces was dat niet verkeerd. Ik kwam eerder bij de gevoelslaag van de tekst. Inleven in de personages ging als vanzelf. De tekst analyseren en fouten er uithalen kostte juist meer moeite.

Ik schreef langzamer dan voorheen. Ik kwam niet in een echte schrijfflow. Waar ik voorheen in een ochtend zo een paar duizend woorden schreef, zette ik nu een enkele zin of hoogstens twee alinea’s op papier. Regelmaat hielp. Vrijwel dagelijks, doorgaans op hetzelfde tijdstip, schreef ik vignetten en reeg ze aaneen tot het verhaal verteld was. Veel slapen hielp ook. Een goed werkend onderbewuste reikte me mooie vondsten of onverwachte wendingen aan. Over het resultaat was ik niet ontevreden. De tekst was soms korter dan ik gewend was. Er was langer op gekauwd. Misschien was het wel beter.

Na twee jaar blijkt mijn energiebeperking vooralsnog van blijvende aard. Ik ben deels hersteld en werk nog tien uur per week. Schrijven gaat daarnaast langzaam. Het is een van de activiteiten die me rust en regelmaat geeft. Inmiddels ben ik een volgend boek aan het schrijven. Zin voor zin. Alinea voor alinea. Soms wel een paar honderd woorden. Maar zonder flow. Ik plan en maak aantekeningen. Ik vertrouw er niet op dat ik alles wat ik bedenk wel onthoud. Het boek waar ik aan schrijf komt er wel, al kan ik nog niet inschatten hoe lang ik erover ga doen. Voorheen deed ik over een eerste versie van de broodtekst een paar maanden. Nu misschien wel jaren. Dat is niet erg. Ik ben blij met wat gaat.

Wat nog stil ligt zijn mijn uitgeefactiviteiten. Een keer moet wat geschreven is de wereld ingezonden worden. Maar uitgeven vraagt energie. Het genereren van publiciteit laat zich niet opknippen in behapbare blokjes, verdeeld over weken of maanden. Een volwaardige boekpresentatie of signeersessie lijkt op dit moment onhaalbaar.

Daarom zoek ik naar andere manieren om mijn boeken de wereld in te sturen. Voor de voornoemde thriller heb ik die nog niet gevonden. Die heb ik nog even terzijde gelegd. Ook voor de inhoud is dat goed. De bundel met korte verhalen over tante Magna gaat wel binnenkort de wereld in. Over een paar weken start een crowdfunding om de bundel te verspreiden via minibiebs in het hele Nederlandse taalgebied. Zo’n campagne kan ik redelijk goed stapsgewijs plannen en gedoseerd voorbereiden. Daarna hoeft er geen tijd en energie naar verkoop en publiciteit. Als de crowdfunding slaagt kan ik direct door naar de distributie. Het boek ligt daarna klaar om door lezers ontdekt of gevonden te worden bij honderden minibiebs in Nederland en Vlaanderen.

Het plan werd in eerste instantie uit noodzaak geboren. Maar het past wonderwel bij de eigenzinnige tante Magna en bij haar wonderbaarlijke verhalencyclus. Net als bij het schrijven zelf is het resultaat van het uitgeven dan anders dan ik me ooit had voorgesteld. Er is langer over nagedacht, en daardoor is het misschien wel beter.

De langverwachte komst van Oom Ludo

Het begon met een foto op instagram (hier): een gebarricadeerde deur met als onderschrift ‘Oom Ludo moet af en toe een tijdje tot rust komen.’ Dat was de eerste van een serie foto’s met een onderschrift waarin de foto werd geïnterpreteerd door de ogen van iemand die net iets anders kijkt naar de wereld dan andere mensen. #oomludo Soms was het onbegrijpelijk, soms grappig, maar in alle gevallen liet het de lezer nogmaals – met een andere interpretatie – naar de foto kijken. Naar mate de fotoreeks groeide kreeg de illustere Oom Ludo langzaam vorm in mijn hoofd.

Twee en een half jaar geleden begon ik aan ‘het boek’ over Oom Ludo en inmiddels is het af. Er is aan geschreven en herschreven. Mel en Nico hebben geredigeerd en Ineke heeft minutieus gecorrigeerd. Daarmee is het hermetische en zolderkamer-deel van het werk gedaan en vandaag begint het proces van naar-buiten-treden. Net als een aantal eerdere werken verschijnt het bij mijn huisuitgeverij onder het label ‘Leviathan’. Het aftellen naar de verschijning begint vandaag, ook al is de exacte datum nog niet geprikt (ergens in de zomer). Ik zal de komende tijd via dit blog verslag doen van alle voorbereidingen en de vorderingen. Dit is mijn to-do lijstje voor de komende tijd;

  • besluit nemen over de titel, vooralsnog ‘Oom Ludo’
  • opmaak binnenwerk en omslag
  • definitieve versie flaptekst ed
  • auteursfoto
  • correctie drukproef
  • persberichten en leaflet/samples maken
  • website klaarmaken
  • voorverkoop starten
  • audioboek-plan maken
  • booktrailer maken
  • plan voor marketing per kanaal uitwerken
  • mogelijkheid pop up store onderzoeken
  • ebook maken + distributie (smashwords)
  • nieuwsbrief / start voorverkoop
  • naar de drukker
  • voorinschrijving sluiten
  • besluit over exacte vorm boekpresentatie (coronaproof)
  • persbericht verzenden
  • boek van drukker terug
  • verzenden presentie- en recensie-exemplaren
  • verzenden voorinschrijvingen
  • boekpresentatie
  • marketingplan uitvoeren

Ben ik nog iets vergeten?

En nu nog zelf toepassen wat ik aan anderen verkondig

Als voorbereiding op mijn workshop over dramatische personages maak ik wat aantekeningen over het schrijfproces. Als je voor je gevoel zit te modderen met een tekst en zeker als je helemaal vast zit, is het meestal hoog tijd om naar een andere fase/modus van het schrijfproces om te schakelen (vrij naar Flower & Hayes). Dus van schrijven naar redigeren, of terug naar de tekentafel, of eerst wat research. Wat je ook doet: doe in ieder geval iets anders, want zo trek je het vlot. Een uur later herlas ik voor dezelfde workshop The art of Dramatic Writing. Laios Egri (de schrijver) sloeg me om de oren met het belang van een goede premisse. Continue reading “En nu nog zelf toepassen wat ik aan anderen verkondig”

Een goed gevulde grabbelton

Ik dacht vorige week nog, wat ben ik toch moe de laatste tijd. En ineens bleek ik een stevige griep en een longontsteking te hebben. Met een bonkend hoofd en piepende longen komt schrijven er niet van, maar dat heeft ook voordelen. Continue reading “Een goed gevulde grabbelton”

Na een jaar kelder is de hoofdkaas gerijpt

Het is heel gezond om een tekst even weg te leggen. Voor een column of een briefje is een uur soms al voldoende. Bij een roman zou ik zeker drie maanden aanbevelen en als je het op kunt brengen is een jaar een mooie tijdsduur. Daarna kijk je er met nieuwe ogen naar en ben je in staat om kritisch te zijn op je eigen werk. Continue reading “Na een jaar kelder is de hoofdkaas gerijpt”

Bad-writers-trip – het zal de wijn wel zijn geweest

Als ik schrijf wil ik mijn hoofd zo helder mogelijk hebben. Voor mij geen speed of lsd, geen paddo´s of salamanders, zelfs geen stickie. Ook niet als ik niet schrijf trouwens. Bij het schrijven verdraag ik geen alcohol en zeker geen kater. Al mag ik na het schrijven graag een glas wijn drinken. Tijdens het werk wil ik zelfs niet te veel koffie. Een helder hoofd: ik wil weten wat ik doe en ik wil dat mijn gevoelens echt zijn, niet uitvergroot of vertekend. Continue reading “Bad-writers-trip – het zal de wijn wel zijn geweest”

Ondertussen in mijn achterhoofd

De afgelopen paar weken was ik druk bezig met twee toneelstukken en Onze loodgieter, terwijl dit blog begonnen was om de voortgang voor mijn volgende roman zichtbaar te maken. Aan dat boek wordt ondertussen ook gestaag gewerkt, maar op een heel ander niveau: het valt niet in aantallen woorden uit te drukken. Continue reading “Ondertussen in mijn achterhoofd”

Het eind is daar waar je stopt met schrijven (I)

Afgelopen twee weken les gehad van Ger Beukenkamp. Wat een leuke man is dat. Of beter gezegd: wat vindt hij schrijven een leuk vak en wat straalt hij dat uit. Alles wat hij doet en zegt is daar van doortrokken. Op die twee maandagavonden in ieder geval. Continue reading “Het eind is daar waar je stopt met schrijven (I)”

Een Faramir verzin je niet, die overkomt je

Het mooiste voorbeeld van een verhaal dat al schrijvende groeide en groeide tot het volstrekt uit de hand liep, is In de ban van de ring. Tolkien begon er aan te schrijven in de veronderstelling dat het een vervolg zou worden op De Hobbit en dat het van een vergelijkbaar kaliber zou zijn. Meer dan vijfentwintig jaar en ruim duizend pagina’s later, had hij een epos geschreven dat zijn weerga in de literaire wereld niet kende. Continue reading “Een Faramir verzin je niet, die overkomt je”

Het miskend genie lag er de hele treinreis wakker van

Ik heb meestal vrij snel een compleet verhaal in mijn hoofd, maar ik vind het lastig om de complexiteit van zo’n verhaal op anderen over te brengen. Zowel mondeling als op schrift. Dan gaat het niet alleen om de plot of de personages, maar om de verschillende lagen, de symboliek, de parallellen. Soms om de humor, zeker waar het om cynisme of ironie gaat. Ik heb er een hekel aan om het allemaal te moeten uitleggen. Dat voelt als voorzeggen, of het nou gaat om een regieaanwijzing in een toneelstuk, of om het weergeven van de gedachten van een romanpersonage. Continue reading “Het miskend genie lag er de hele treinreis wakker van”